Er zit een groot verschil tussen buiten zijn en ergens daadwerkelijk leven. Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar binnen bushcraft krijgen we eigenlijk maar zelden de tijd om dat verschil echt te ervaren. Tijdens een cursus leren we vuur maken, bouwen we een shelter, herkennen we planten, werken we met natuurlijke materialen en leren we hoe we voedsel kunnen vinden en verwerken. Dat zijn prachtige vaardigheden en je kunt je leven lang bezig blijven om ze verder te ontwikkelen. Maar bijna altijd komt er na een paar dagen een einde aan. Het vuur gaat uit, de spullen worden ingepakt en we gaan weer naar huis. En juist daar begint voor mij iets interessants. Want wat gebeurt er wanneer we niet naar huis gaan? Wanneer het vuur dat je vandaag maakt morgen nog steeds nodig is? Wanneer de shelter die je bouwt niet bedoeld is voor één nacht, maar de plek wordt waar je wekenlang slaapt? Wanneer jagen, vissen en verzamelen niet langer onderwerpen uit een cursus zijn, maar onderdeel worden van de vraag wat we die dag gaan eten? Wat gebeurt er wanneer bushcraft langzaam ophoudt iets te zijn wat je beoefent en steeds meer de manier wordt waarop je leeft?
Daar is de 30 Days Canada Immersion uit ontstaan.In 2028 gaan we met een kleine groep voor dertig dagen de wildernis van Ontario in. Niet om een maand lang een survivalchallenge te doen en ook niet om te bewijzen hoe weinig spullen we nodig hebben. We gaan omdat dertig dagen ons iets geeft wat tijdens bijna iedere andere cursus ontbreekt: tijd.
Door de jaren heen ben ik steeds meer gaan geloven dat tijd misschien wel één van de belangrijkste onderdelen is van goed buitenonderwijs.
Ik kan je in een weekend uitleggen hoe je vuur maakt. We kunnen samen een shelter bouwen, planten zoeken of een vis verwerken. Ik kan laten zien hoe bepaalde natuurlijke materialen zich gedragen en waarom de ene keuze beter werkt dan de andere. Maar begrijpen ontstaat pas wanneer je die kennis opnieuw nodig hebt. Wanneer iets mislukt. Wanneer omstandigheden veranderen. Wanneer je zelf moet gaan zien wat er nodig is zonder dat iemand eerst vertelt wat de opdracht van die dag wordt.
Dertig dagen geeft ons de mogelijkheid om dat te laten gebeuren.
De eerste dagen in Canada zal waarschijnlijk alles nog nieuw zijn. We moeten onze plek vinden, het kamp opbouwen en leren waar water, brandhout en materialen te vinden zijn. Iedereen heeft energie en er zal waarschijnlijk veel tegelijk gebeuren.
Maar na een week is diezelfde plek niet meer helemaal nieuw. Je weet inmiddels waar je water haalt. Je hebt ontdekt welk hout goed brandt en welk hout vooral rook geeft. Misschien blijkt de plek waar je zo enthousiast je shelter hebt gebouwd na drie dagen regen toch minder ideaal te zijn dan je dacht. Misschien moet er iets worden aangepast omdat het in de praktijk anders werkt dan tijdens een weekend in Nederland.
Dat vind ik interessant.
Want dan hoef ik niet meer uit te leggen waarom locatiekeuze belangrijk is. Je hebt het gevoeld. Je hebt ermee geleefd en je moet zelf een oplossing vinden.
En wanneer je lang genoeg op die manier bezig bent, beginnen alle losse vaardigheden langzaam met elkaar verbonden te raken.
Natuurlijk wordt er tijdens deze dertig dagen lesgegeven. We nemen kennis en ervaring mee en begeleiden de groep gedurende het hele traject. Maar ik wil niet naar Canada om daar vervolgens precies hetzelfde te doen als tijdens een cursusweekend in Nederland.
Het landschap moet mede gaan bepalen wat we leren.
Als het dagenlang regent, verandert onze les over vuur vanzelf. Wanneer een shelter niet goed functioneert, ontstaat daar werk. Wanneer we vis vangen of tijdens de jacht een dier verkrijgen, bepaalt dat voor een groot deel wat er daarna moet gebeuren. Het dier moet worden verwerkt, het vlees moet worden bereid of geconserveerd en materialen die het dier ons geeft kunnen weer gebruikt worden voor andere dingen.
Misschien ontstaat er op een rustig moment behoefte aan een container, een stuk touw, een nieuw handvat of een ander gebruiksvoorwerp. Dan gaan we dat maken. Niet omdat er in het programma staat dat dinsdagmiddag van twee tot vijf uur ‘ambacht’ wordt gegeven, maar omdat er een reden is om iets te maken.
Dat is een manier van leren waar ik veel waarde in zie.
Vuur wordt dan geen vuurles meer. Het is gewoon het vuur waarop we koken en waar we ’s avonds bij zitten. Een shelter is niet meer het eindresultaat van een workshop, maar je slaapplaats. Navigatie is niet alleen een oefening, omdat je daadwerkelijk moet weten waar je bent en hoe je terugkomt.
En voedsel is niet langer iets dat vanzelfsprekend iedere ochtend in dezelfde tas ligt.
Langzaam wordt bushcraft gewoon dagelijks leven.
We gaan voor deze immersion naar Ontario, Canada. Een landschap van uitgestrekte bossen, meren en waterwegen waar de schaal heel anders is dan wat wij hier in Nederland gewend zijn.
Maar ik wil niet dat Canada alleen een spectaculair decor wordt voor dertig dagen bushcraft.
Ik wil dat we proberen een klein stukje van dat enorme landschap werkelijk te leren kennen.
Ergens bouwen we onze plek. In het begin zal het waarschijnlijk gewoon als een kamp voelen: de plek waar onze spullen liggen, waar vuur wordt gemaakt en waar we slapen. Maar wanneer je lang genoeg blijft, verandert je relatie met zo’n plek.
Je begint te weten waar je heen moet voor goed brandhout en waar bepaalde planten groeien. Je herkent plekken aan de oever. Je merkt misschien eerder dat het weer gaat veranderen. Je ontdekt waar je vis vindt en waar juist niet. Een pad dat de eerste dag onbekend was, loop je na een paar weken zonder erbij na te denken.
Vanuit ons kamp bewegen we door het landschap, te voet en over het water. We gaan op zoek naar voedsel en materialen, lezen sporen en proberen steeds beter te begrijpen welke dieren er om ons heen leven.
Dat is voor mij een belangrijk onderdeel van deze immersion. Leven met de natuur betekent niet alleen dat je een verzameling technieken beheerst waarmee je jezelf buiten kunt redden. Het betekent ook dat je aandacht krijgt voor de plek waar je bent.
Dat je haar langzaam begint te kennen.
Voedsel gaat tijdens deze dertig dagen vanzelf een belangrijke rol spelen. En daarbij gaat het nadrukkelijk niet alleen om vissen en verzamelen.
Ook jacht maakt onderdeel uit van de 30 Days Canada Immersion.
Afhankelijk van het seizoen, de omstandigheden, vergunningen en de geldende Canadese wet- en regelgeving gaan we werken met jacht, visserij en het verzamelen van voedsel uit het landschap.
Ik vind het belangrijk dat jacht binnen zo’n traject niet wordt neergezet als iets spectaculairs. Het gaat niet alleen om het moment waarop er wel of niet wordt geschoten. Jacht begint veel eerder. Je moet leren kijken naar sporen en gedrag, rekening houden met wind, leren bewegen door het landschap en vooral veel geduld hebben.
En uiteindelijk moet je ook bereid zijn om níét te schieten.
Wanneer er wel een dier wordt genomen, begint daarna misschien wel het belangrijkste gedeelte. Het dier moet worden verwerkt. Het vlees moet zorgvuldig worden gebruikt en wat we niet direct eten moet mogelijk worden geconserveerd. Huid, bot, vet, pezen en andere bruikbare delen kunnen een plaats krijgen in het verdere leven van het kamp.
Daar komen ineens ontzettend veel dingen samen die tijdens een cursus vaak als afzonderlijke onderwerpen worden behandeld. Jacht wordt voedsel. Voedsel vraagt vuur. Het dier geeft materialen. Materialen worden ambacht. En achter alles ligt de verantwoordelijkheid om zorgvuldig om te gaan met wat je neemt.
Er zal tijdens de 30 Days Canada Immersion ook een zorgvuldig gekozen basisvoorraad voedsel aanwezig zijn. We gaan dus niet met het idee naar Canada dat we koste wat kost dertig dagen volledig van het land moeten leven.
Dat vind ik belangrijk.
Het landschap is geen supermarkt en een dier laat zich niet bestellen omdat wij die dag calorieën nodig hebben. Honger mag nooit de reden worden waardoor we onverantwoorde beslissingen nemen.
De basisvoorraad geeft ons de ruimte om te leren en tegelijkertijd steeds verder te onderzoeken hoeveel voedsel het landschap ons daadwerkelijk kan geven, hoeveel energie het kost om dat voedsel te verkrijgen en hoeveel kennis daar eigenlijk voor nodig is.
Ambacht zal gedurende de maand vanzelf een belangrijke plek krijgen.
Bij Living by Nature werken we veel met natuurlijke materialen en oude technieken. Dat blijven we in Canada natuurlijk ook doen, maar ik wil proberen nog een stap verder te gaan. Niet maken om het maken, maar kijken welke voorwerpen vanuit het dagelijks leven ontstaan.
Misschien hebben we een container nodig, moet er iets gerepareerd worden of blijkt een bepaald stuk gereedschap niet praktisch genoeg. Misschien hebben we touw nodig of ontstaat er vanuit een dier dat we hebben verwerkt materiaal waarmee we verder kunnen werken.
Dan ontstaat er een reden om iets te maken.
We kunnen werken met hout, bast, vezels en andere materialen uit het landschap en, wanneer die beschikbaar zijn, ook met huid, bot en pezen. Sommige dingen zullen eenvoudig zijn en binnen een uur gemaakt worden. Andere projecten kunnen dagen duren.
Dat maakt mij eigenlijk niet zoveel uit.
Wat ik interessant vind, is dat een voorwerp betekenis krijgt omdat het onderdeel wordt van het leven in het kamp.
Je maakt iets omdat je het daadwerkelijk gaat gebruiken.
En dan is er nog iets waar je vooraf eigenlijk nauwelijks een programma voor kunt schrijven: de groep.
Dertig dagen met elkaar leven is iets anders dan samen een cursusweekend volgen.
In het begin heeft iedereen waarschijnlijk energie. Er wordt veel gepraat, iedereen wil helpen en alles is interessant. Maar ergens in die maand komt er ook vermoeidheid. Er zijn dagen waarop iemand slecht heeft geslapen. Er moeten dingen gebeuren waar niemand op zit te wachten en er zullen ongetwijfeld momenten komen waarop mensen verschillende ideeën hebben over hoe iets aangepakt moet worden.
Dat hoort erbij.
Je kunt ontzettend goed zijn in vuur maken, jagen of ambacht, maar wanneer je niet kunt samenwerken wordt langdurig buiten leven behoorlijk ingewikkeld.
Wie haalt er hout wanneer iedereen moe is? Wie ziet dat iemand anders even hulp nodig heeft? Kun je aangeven dat iets je dwarszit voordat het een probleem wordt? Kun je luisteren wanneer iemand een andere oplossing ziet dan jij? En kun je verantwoordelijkheid blijven nemen op een dag waarop je eigenlijk even helemaal nergens zin in hebt?
Ik denk dat daar een enorm belangrijk gedeelte van deze dertig dagen zit.
Want we gaan niet alleen met het land leven.
We moeten ook met elkaar leven.
De 30 Days Canada Immersion is geen survivalwedstrijd.
We gaan niet kijken wie het meeste honger kan verdragen, wie het langst nat kan blijven of wie met de minste spullen het stoerst overkomt. Ongemak is geen doel en lijden is geen prestatie.
Daar hoeven we ook helemaal niets voor te verzinnen.
Wanneer je een maand buiten leeft, komen de uitdagingen vanzelf.
Er zullen waarschijnlijk dagen met regen zijn. Insecten. Vermoeidheid. Misschien nachten waarin je minder goed slaapt. Een visplek die niets oplevert. Materiaal dat kapotgaat. Een vuur dat precies op het verkeerde moment niet wil doen wat jij wilt.
Dat is genoeg.
Wat mij veel meer interesseert, is wat je vervolgens doet.
Kun je rustig blijven wanneer iets niet lukt? Kun je een plan veranderen waar je uren aan hebt gewerkt? Kun je accepteren dat het landschap vandaag iets anders van je vraagt dan wat jij had bedacht?
En misschien nog belangrijker: leer je het verschil herkennen tussen iets wat ongemakkelijk is en iets wat daadwerkelijk onveilig wordt?
Dat zijn voor mij veel interessantere lessen dan kijken wie het hardst is.
Sinds we met de 100 Days Canada Immersion bezig zijn en de groep voor 2029 inmiddels volledig gevuld is, zal er waarschijnlijk een logische vraag ontstaan:
Is die 30-daagse dan eigenlijk de korte versie van de 100 dagen?
Nee.
En ik vind het belangrijk om dat heel duidelijk te maken.
De 30 Days Canada Immersion is geen 100 Days Light. De twee trajecten komen voort uit dezelfde visie op leren en leven met het land, maar de opbouw, voorbereiding, intensiteit en uiteindelijk ook het doel zijn verschillend.
Voor de 30 Days Canada Immersion hoef je vooraf geen complete opleiding van acht weekenden te volgen.
We verwachten natuurlijk wel dat je fysiek en mentaal in staat bent om aan zo’n traject deel te nemen en we zullen vooraf goed kijken of deze immersion bij je past. Maar er zit geen uitgebreide verplichte vooropleiding aan vast.
Tijdens de dertig dagen is er ruimte voor instructie en begeleiding. We nemen je mee in het proces en gebruiken de maand juist om vaardigheden verder te ontwikkelen en met elkaar te verbinden.
Dat betekent niet dat dertig dagen eenvoudig is. Een maand leven in de Canadese wildernis is een serieuze onderneming.
Maar het uitgangspunt is dat je komt om te leren én te leven.
Bij de 100 Days Canada Immersion ligt dat anders.
Voor deelname verwachten we in principe minimaal het niveau van onze Living by Nature Jaaropleiding, of aantoonbare ervaring op een vergelijkbaar niveau.
Dat is nodig omdat we tijdens de honderd dagen niet meer bij het begin willen starten. De basis moet er al zijn.
Vervolgens doorlopen deelnemers vóór vertrek nog een specifiek voorbereidingstraject van acht weekenden. Daarin bereiden we ons gericht voor op wat honderd dagen van ons gaat vragen. We werken samen, bouwen materiaal, verdiepen vaardigheden en besteden uitgebreid aandacht aan onder andere mentale weerbaarheid, jacht en boogschieten, voedselverwerving, verplaatsing, uitrusting en veiligheid.
Maar die acht weekenden hebben nog een andere functie.
We leren elkaar kennen.
Wanneer je honderd dagen samen gaat leven, wil ik niet dat we op de luchthaven voor het eerst handen schudden.
Je wilt weten met wie je vertrekt. Je hebt samen gewerkt, fouten gemaakt en problemen opgelost. Je hebt gezien hoe mensen reageren wanneer iets moeilijk wordt en de groep heeft al een geschiedenis voordat de honderd dagen überhaupt beginnen.
Ook de omstandigheden tijdens de 100 Days worden verder teruggebracht. Moderne zekerheden verdwijnen veel sterker naar de achtergrond en de afhankelijkheid van het land, onze eigen vaardigheden en de groep wordt groter.
Dat vraagt een ander vertrekpunt.
En daarom vraagt het ook een andere voorbereiding.
Nee.
De 30 Days Canada Immersion is geen verplicht onderdeel van de route naar de 100 Days.
Je kunt de 30 dagen doen zonder ooit de wens te hebben om honderd dagen te gaan. Sterker nog: ik hoop dat mensen voor deze immersion kiezen omdat ze juist deze maand willen ervaren en niet omdat ze denken dat ze een vakje moeten afvinken voor iets anders.
Maar tegelijkertijd zou ik liegen als ik zou zeggen dat de twee helemaal niets met elkaar te maken hebben.
Want misschien loop je al een tijd rond met die 100 dagen in je hoofd.
Misschien trekt het enorm, maar vraag je jezelf ook af of honderd dagen werkelijk bij je past.
Dat is nogal wat.
Niet alleen fysiek en mentaal, maar ook thuis. Honderd dagen vraagt iets van je werk, je gezin, je financiën en de mensen om je heen. En hoe goed je jezelf ook denkt te kennen, je weet pas echt iets over langdurig buiten leven wanneer je het een keer hebt gedaan.
Daar kunnen de 30 dagen ontzettend waardevol in zijn.
Niet als toelatingstest.
Maar als ontdekking.
Na dertig dagen weet je veel beter hoe je reageert wanneer het nieuwe eraf is. Hoe het voelt om wekenlang met dezelfde groep te leven. Of je gelukkig wordt van dagen die draaien om vuur, hout, water, voedsel en het weer. Hoe je omgaat met ongemak, vermoeidheid en weinig privacy.
Misschien kom je thuis en denk je:
Dit was fantastisch. En dertig dagen is voor mij precies goed.
Dan is dat een prachtig antwoord.
Maar misschien zit je na dertig dagen in het vliegtuig naar huis en weet je:
Ik wil terug. En de volgende keer wil ik langer blijven.
Dan kan deze maand zomaar het moment zijn waarop je ontdekt dat de 100 Days Canada Immersion uiteindelijk ook bij jou past.
Honderd dagen is niet simpelweg dertig dagen plus zeventig.
Dat is misschien wel het belangrijkste verschil.
Tijdens dertig dagen krijg je de tijd om de overgang te maken van buiten zijn naar buiten leven. Je ontdekt een ritme, leert een plek kennen en ervaart hoe vaardigheden onderdeel worden van iedere dag.
Bij honderd dagen krijgt datzelfde proces zoveel meer tijd dat het tijdelijke karakter langzaam begint te verdwijnen.
Je bent niet meer bezig met een maand in Canada. Het seizoen verandert terwijl je er bent. Beslissingen kunnen weken later nog gevolgen hebben. Relaties binnen de groep krijgen veel meer tijd om zich te ontwikkelen. Je lichaam past zich aan. Je verwachtingen veranderen.
Op een gegeven moment is het niet meer bijzonder dat je daar leeft.
Het is gewoon waar je bent.
Daarom wil ik de twee ook niet tegenover elkaar zetten als makkelijk en moeilijk, beginners en gevorderden of klein en groot.
Het zijn twee verschillende immersions.
Dertig dagen geeft je de tijd om te ontdekken wat het betekent om met het land te leven.
Honderd dagen geeft dat leven de tijd om je werkelijkheid te worden.
Ik denk niet dat je voor deze immersion de beste bushcrafter van Nederland hoeft te zijn.
Je hoeft niet ieder vuurtje met een vuurboog in dertig seconden aan te krijgen en je hoeft niet alle planten uit je hoofd te kennen.
Maar je moet wel iets voelen bij het idee van een maand buiten leven.
Je moet bereid zijn om fysiek bezig te zijn, om te leren, om verantwoordelijkheid te nemen en om niet alleen te komen halen. Want wanneer je met een kleine groep een maand samenleeft, heeft iedereen invloed op hoe die groep functioneert.
Je moet nieuwsgierig kunnen zijn wanneer iets niet lukt.
Je moet soms kunnen accepteren dat je iets nog niet weet.
En je moet bereid zijn om je handen vuil te maken.
De rest kunnen we leren.
Dat we ver de wildernis in gaan, betekent niet dat veiligheid naar de achtergrond verdwijnt. Integendeel.
Een traject als dit vraagt juist om een zorgvuldige voorbereiding. We kijken vooraf naar communicatie, navigatie, medische situaties, noodprocedures en evacuatiemogelijkheden. Er zijn ervaren instructeurs aanwezig en we werken binnen een duidelijk veiligheidskader.
Maar veiligheid betekent voor mij niet dat we ieder risico of ieder ongemak uit de ervaring proberen te halen.
Buiten zijn betekent dat je niet alles kunt controleren.
Het betekent dat je moet leren kijken, inschatten en beslissen.
Wanneer kunnen we doorgaan? Wanneer moeten we terug? Wanneer is het verstandig om een plan te veranderen? Wanneer is iemand gewoon moe en wanneer ontstaat er een probleem?
Die afwegingen horen ook bij leren leven in de wildernis.
Vrijheid buiten ontstaat niet doordat er geen risico bestaat.
Ze ontstaat doordat je leert er verantwoordelijkheid voor te dragen.
In 2028 gaan we.
Met een kleine groep trekken we voor dertig dagen de wildernis van Ontario in.
De exacte data, groepsgrootte, investering, selectieprocedure en definitieve kaders rondom uitrusting en voorbereiding worden bekendgemaakt zodra alles vaststaat.
En ik wil daar geen romantisch verhaal van maken waarin we een maand lang iedere avond tevreden rond het vuur zitten terwijl de zon prachtig achter een Canadees meer verdwijnt.
Hopelijk zitten die avonden ertussen.
Maar er zullen ook muggen zijn. Natte spullen. Vermoeidheid. Dingen die mislukken. Dagen waarop het weer onze plannen compleet verandert en waarschijnlijk momenten waarop je je afvraagt waarom je hier eigenlijk zo graag naartoe wilde.
Dat hoort erbij.
Want ergens tussen al die grote en kleine momenten ontstaat iets waarvoor je tijdens een weekend bijna nooit genoeg tijd hebt.
Je blijft.
Lang genoeg om fouten te maken en ze te herstellen. Lang genoeg om mensen werkelijk te leren kennen. Lang genoeg om niet alleen te weten waar je bent, maar de plek langzaam te herkennen. Lang genoeg om vaardigheden die je misschien al jaren oefent eindelijk niet meer als vaardigheden te zien.
Ze worden gewoon onderdeel van de dag.
En misschien gebeurt er ergens gedurende die maand wel iets heel eenvoudigs.
Je wordt wakker. Je kijkt naar het vuur. Je kijkt naar het water en naar het weer. Je weet ongeveer wat er die dag moet gebeuren.
En je denkt niet meer:
Ik ben bezig met een 30-daagse bushcraft immersion.
Je bent daar gewoon.
Je leeft er.
En precies daarom gaan we.
Niet dertig dagen om te bewijzen dat je kunt overleven, maar lang genoeg blijven om te ontdekken wat er nodig is om werkelijk met het land te leven.
Living by Nature
Let op: bij het boeken van deze cursus en of opleiding doet u standaard een aanbetaling van 10% (595,-)van het totaal bedrag Als plek reservering.
Totaal: 5950,-
Oorspronkelijke prijs was: €5.950,00.€595,00Huidige prijs is: €595,00.
15 op voorraad
September 2028
wettelijke BTW,
15